Thunder (nl original)



Yüklə 355,42 Kb.
səhifə13/13
tarix22.01.2018
ölçüsü355,42 Kb.
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   13

18. De Netwerkkamer


‘’MODDERBLOEDJE!’’ Geruisloos pakte Rayda haar plasma zwaard. Iemand drukte een lemmet tegen mijn keel. Ik kreeg nog een trap. Rayda sloop op mij af en begon me af te ranselen terwijl Jack me in elkaar sloeg. ‘’Au! Au! Au! Laat me met rust!’’ Riep ik. ‘’Oeps, ik geloof dat we hem iets te hard hebben aangepakt.’’ Zei Rayda.

Ze hadden Danny tot bloedens toe afgeranseld. ‘’Waarom deden jullie, au, dat?’’ Vroeg ik. ‘’Omdat het leuk is. Zei Jack.

‘’Kun je me niet gewoon begroeten?’’ Vroeg ik.

‘’Dit is gewoon maar we waren vergeten dat je nog steeds nogal menselijk bent.

Het spijt me.’’ Zei Jack. Rayda verroerde geen vin. Jack stootte Rayda aan.

‘’Ja, mij ook.’’ Zei Rayda geforceerd. Danny gooide de kast open en trok gauw een onderbroek aan. ‘’Waar schaam je, je voor?’’ Vroeg Rayda. ‘’Het is toch maar een rudimentair lichaamsdeel.’’ Ging Rayda verder. Ik voelde mij geneert. ‘’Ja voor jou ja!’’ Zei ik bits. ‘’Aangepaste Mensen urineren niet.’’ Zei Jack deftig. Ik draaide me om en fronste mijn wenkbrauwen. ‘’Zelfs geen grote boodschap?’’ Vroeg ik nieuwsgierig. Rayda knikte. ‘’Kotsen doen we wel.’’ Zei Rayda grijnzend. ‘’Gast! Ik hoef dat niet te weten! Dat is vies!’’ Riep ik. ‘’Je vroeg er zelf om.’’ Zei Jack. ‘’Flora heeft nog nooit...’’ Begon Rayda. ‘’Kappen! Ik wil het niet weten.’’ Zei ik. (Ik was inmiddels al helemaal aangekleed.) ‘’Kijk eens in de spiegel.’’ Zei Jack. Aarzelend draaide ik me om. ‘’Gadver?’’ Uit de wonden die Rayda en Jack hadden gemaakt druppelde donkergroen, bruinachtig spul. Ik keek Rayda vragend aan, Rayda trok haar schouders op. In mijn ooghoek zag ik dat hele plukken haar weg waren. ‘’Hebben jullie gedaan?’’ Vroeg ik bang. ‘’Nope.’’ Antwoordde Jack droog. ‘’Word ik kaal?!’’ Er zat lichte paniek in mijn stem. Om mijn ernst nog verder uit te drukken greep ik naar mijn haar. (Waardoor er nog meer uitviel.) ‘’Nah, ik denk het niet.’’ Zei Rayda. ‘’En hoe verklaar je dit!’’ Ik stroopte zijn mouw op en wees naar mijn wonden waar dat vreemd kleurige spul uit sijpelde. ‘’Dat is bloed stomme nadoa!’’ Zei Rayda geïrriteerd. Mijn gezichtsuitdrukking zei: Hoe, wat, waarom? ‘’Hormonen.’’ Zei Jack. ‘’Je hebt ontwenningsverschijnselen van die drugs die je vroeger slikte en van Flora’s gedoneerde bloed dat je lichaam overneemt.’’ Ging Jack verder.

‘’Dat mijn WAT! O nee, o nee, o nee!’’ ‘’Rustig, rustig! Je bent oké.’’ Stelde Rayda me gerust. Ik hoorde een alarmpje afgaan en het bleek Jacks polsband te zijn. ‘’Het spijt me Danny maar ik kan nu niet bij je blijven, Rayda en ik moeten naar juf Bianca.’’

‘’En hoe zit het dan met mij?’’ Vroeg ik bang. ‘’Weet ik niet, dat moet je zelf uitzoeken. Ik stel voor kalm te blijven en te kijken hoe het met je gaat. Je kunt altijd nog naar de ziekenboeg. Doei!’’ Vertelde Jack. Jack en Rayda verdwenen achter de deuropening. Nou dat zijn ook goede vrienden zeg. ‘’Ik, ik, ah! Ik voel me niet goed. Ugh.’’ Het viel me nu pas op dat ik in één nacht 5 centimeter langer was geworden. (Dat verklaart ook mijn spierpijn.) ‘’Ahai!’’ Ik greep naar mijn borst, ik voelde ernstige steken in mijn hart. Ik keek weer naar mijn handen, mijn polsslagaders (en andere aderen) stonden in diep contrast met mijn lijkbleke huidskleur.

‘’O my god, ik voel me zo raar in mijn hoofd. Zo licht, zo leeg. Leeg? Leeg? O nee! Mijn kostbare herinneringen!’’ Maar het was al te laat. Vele herinneringen waren niets meer dan betekenisloze plaatjes. Zelfs Flora had nog weinig waarde voor mij.


Ik keek voldaan in de spiegel, hoewel ik nog niet helemaal veranderd was, was ik Danny niet meer. De oude Danny had altijd sproeten, blond haar, bruine ogen en een



biggetjes-roze huidskleur. Ik keek grijnzend naar mezelf, ik zag mijn wonden dichtgroeien. Als gebiologeerd keek ik naar het heldere, lichtgroene bloed. Terwijl de laatste blonde haren op de grond vielen, groeide er al een weelderige bos haren uit mijn hoofd, met een onnatuurlijke witte kleur. Ik sloot genietend mijn ogen en haalde diep adem. Ik voelde me herboren, als een ontpopte rups. Ik genoot met volle teugen van mijn zintuigen die minstens zes keer zo scherp waren als voorheen. Het voelde net alsof ik mijn oude lichaam als een jas had uitgetrokken en dit lichaam heb aangenomen. In zekere zin was dat ook zo, metamorf Danny leek in niets op mens Danny. Metamorf Danny had geen sproeten maar in plaats daarvan helblauwe ogen, wit haar, hij zag lijkbleek en hij was 5 centimeter langer. (Waarschijnlijk komt daar nog 20 centimeter bij.) Ik zag er veel ouder uit, 18 jaar of zo. ‘’Hahahahaa! Man, mijn leven is één grote flop geweest! Dit ben IK!’’ Ik voelde me opbloeien en voelde me gelukkig bij het besef dat ik eindelijk bevrijd was maar tegelijkertijd voelde ik iets afsterven. Iets dat in mijn genen, in mijn ziel geworteld zat, datgene waaraan mensen zich werkelijk onderscheiden van metamorfen. Misschien zou Flora me kunnen helpen. Danny, Danny kom naar me toe. Volg mijn stem. Ik hoorde een vreemde vaderlijke figuur in mijn hoofd praten. Voorzichtig stond ik op en testte mijn nieuwe benen. Het liep een beetje wankel maar ze waren zo sterk als die van een getraind renpaard, of een wilde mustang. Wees niet bang, vertrouw me. Op aanwijzingen van de stem navigeerde ik door de Academie. In dit nieuwe lichaam met een vernieuwde geest ben ik me meer bewust van mijn omgeving. Ik voel niet alleen mijn eigen bloed en energie stromen. Ik voel me één met de Academie, we ademen als één wezen, voelen als één wezen en denken als één wezen. Ik weet, nee ik voel waar iedereen is. Ik sloot mijn ogen en liet mijn geest meestromen op de data die door aderen vloeit en vele andere gedachten voed. Het is net alsof ik de data door mijn eigen lichaam voel stromen. Keer terug naar jouw eigen lichaam Danny. Met tegenzin begaf ik me weer tot de realiteit. Hoewel ik blijkbaar als metamorf spiritueel hoger ontwikkeld ben, was dit toch werkelijk de climax. Ik was me nog steeds bewust van de energie van de Academie maar ik voelde me er niet meer mee verbonden. Als je dit al geweldig vindt, hoe zou je het dan vinden om verbonden te zijn met heel het internet? Met de gehele mensheid? Ik moest toegeven, dat zou me geweldig lijken. Kom, kom dan. Ik liep door de gang naar een lift. De liftdeuren schoven open en de lift schoot meteen de hoogte in; naar de op één na hoogste verdieping. (Die verboden is.) De lift ging zo snel… mijn brein berekende snel dat de lift precies 1013 kilometer per uur ging. ‘’Ik kan dus net zo goed als een computer rekenen, cool!’’ Het viel me nu pas op dat in de lift helemaal geen knoppen of schakelaars waren. Ik moest de lift dan wel in gedachten hebben bestuurd. De lift stopte en de deuren gleden open. Goed zo je bent er bijna! Ik stapte er uit, de deuren klapten dicht en de lift viel in vrije val naar beneden. Ik hoorde geen knal dus dat was goed. Ik bevond me nu in een gewoon simpel kamertje met een kluisdeur met een digitaal slot. De stem vertelde mij het

28-nummerige wachtwoord. Ik onthield het meteen en typte meteen goed. Jezus, hoe hoog zou mijn IQ zijn? Krakend schoof de kluisdeur open. ‘’Men spreekt niet tot Jezus of God, zij bestaan niet in deze wereld, alleen de Moederstorm. Hoe het met Aarde zit weet ik niet.’’ Zei de vaderlijke stem maar dit keer niet in mijn hoofd. ‘’Kom maar binnen.’’ Voorzichtig stapte ik langs de deuropening. Ik stond in een ronde kamer en om me heen ontvouwde zich een heel panorama van beeldschermen. Mijn mond zakte open van pure verwondering.

In het midden van de kamer stond een helfronde (zwevende?!) tafel met nog twee hologram beeldschermen en een toetsenbord voor elke arm. Achter de tafel was een gewone stoel aangeschoven. Op de grond bij de tafel lagen allemaal losse bedradingen, waarvan iedere draad was ingeplugd op een computerbeeldscherm aan de muur. ‘’Welkom in de Netwerkkamer.’’ Zei Taejo. Gelukkig was hij het in mijn hoofd en niet één of andere hacker. ‘’Ik zie dat je jouw ogen de kost geeft, niet waar?’’ Vroeg Taejo vriendelijk. ‘’Ja zeker weten! Ik ben sprakeloos.’’ Taejo glimlachte tevreden. Ik rook Taejo, hij rook een beetje naar mint maar lang niet zo steriel als de Shen of Chodi. Ik keek opnieuw naar mijn wonden maar ze waren geheel genezen. ‘’Jouw zus Flora heeft al enige ervaring met de Netwerkkamer.’’ Zei Taejo. ‘’Hoe bedoelt u?’’ Vroeg ik. ‘’Precies zoals ik het zeg, met dit apparaat kon Flora uit jouw pc komen.’’ Legde Taejo uit. ‘’Wauw!’’ ‘’En nu mag jij ook. Kom en ga zitten. Heb jij toevallig cadetkleding bij je?’’ Zei Taejo. Ik ging zitten in de stoel. ‘’Nee, hoezo?’’ Vroeg ik. ‘’Nou, dan zou de startprocedure best wel eens pijn kunnen doen.’’ Zei Taejo voorzichtig. Ik keek Taejo vragend aan. ‘’Geef me jouw linkerhand.’’ Commandeerde Taejo. Ik legde mijn linkerarm op tafel. ‘’Ik moet jouw pols hebben.’’ ‘’Waarvoor?’’ ‘’Doe het nu gewoon!’’ Zei Taejo bits. Dus draaide ik mijn hand om. Behendig wipte Taejo een mesje uit zijn mouw, waarvan het lemmet wit licht gaf. (Net zoals in Star wars met lightsabers.) ‘’Wat ga je daarmee doen?’’ Vroeg ik achterdochtig. ‘’Niet bewegen.’’ Instrueerde Taejo. Ik houd niet van messen en al helemaal niet van lasers. Taejo sloeg toe als de bliksem en greep mijn arm. Ik stribbelde tegen maar zelfs als metamorf maakte ik geen schijn van kans. ‘’Ik weet dat je het niet leuk zal vinden maar het moet nu eenmaal.’’ Zei Taejo. Heel delicaat en voorzichtig begon hij in mijn pols te snijden. ‘’Gek! Wat doe je!’’ Schreeuwde ik.

‘’Ik moet bij jouw slagader komen om je aan te sluiten op het Netwerk.’’ Informeerde Taejo. ‘’Je moet WAT? Hoho, stop!’’ Riep ik. Taejo deed net alsof hij me niet hoorde. ‘’Auw! Auw!’’ Ik voelde hoe hij steeds dieper in mijn vlees kerfde. Soms bleef hij te lang bij één plekje en dan schroeide er wat huid weg. ‘’Ahai!’’ Ik huilde van de pijn. (Zonder tranen.) Taejo trok zijn mes er uit en maakte nog twee sneeën. Ik beet op mijn lip, het snijden was zeker niet het ergste. ‘’Ik ben klaar met snijden, nu hoef ik jou alleen nog in te pluggen.’’ Zei Taejo. Ik zei niks. Taejo bukte en raapte drie

USB-kabels op. ‘’Danny, je zult het meteen merken als je wordt aangesloten.’’ Informeerde Taejo. Hij greep een kabel en duwde door een wond. ‘’Au!’’ Ik kneep mijn ogen dicht. ‘’Oh, god.’’ Piepte ik. Ik voelde de kabel door mijn lijf glijden.

‘’Shit, shit, shit, fuck!’’ Murmelde ik. ‘’Stel je niet zo aan. Je moet er nog vijf. Twee links en drie rechts, en dan heb ik nog niet eens gesproken over de rest van jouw lichaam. Je lijkt net een mens!’’ Zei Taejo. ‘’Hahahaa! Hihi!’’ Lachte hij. Volgens mij is dat sadisme een heel naar karaktertrekje van iedere metamorf waar zelfs Taejo hiaten in vertoont. Het aansluiten deed pijn en voelde onwennig maar ik moest toegeven dat het niet onnatuurlijk voelde. Iets in mij vond het wel fijn om aangesloten te worden, het voelde zich veilig en geborgen in de aanwezigheid van zoveel elektronica. Ik huiverde bij die gedachte. Taejo zat weer in mijn hoofd en las mijn gedachten. Evolutie heet dat Danny. Wij zijn gemaakt om te leven met computers, net als dat honden zijn gemaakt om te leven met mensen. Taejo werkte systematisch door en begon met snijden in mijn rechterpols. Het deed minder pijn dan eerst.

‘’Zeg, Taejo ik heb gehoord dat jij de meest sympathieke mentor bent.’’ Zei ik om een gesprek te beginnen. ‘’Ach ja, dat vinden de meesten. Wakuri vindt mij een softie. Maar weet je, het leven in Cyberspace is al hard genoeg, waarom zou ik het dan nog harder maken?’’ Vertelde Taejo. Ik ben het helemaal met hem eens.

Ik snakte naar adem toen Taejo de laatste USB-kabel naar binnen duwde. Ik voelde een elektrische reactie in mijn lijf. Taejo grinnikte. ‘’Bereid je voor op het oneindige.’’ Taejo had gelijk, ik voelde hoe de data binnenstroomde en mijn geest verruimde. Net alsof er een dam was doorgebroken, werd de stroming steeds heftiger en werd ik meegesleurd door een zee van binaire codes. ‘’Help! Help! Ik verdrink!’’ Ik moet een manier vinden om uit deze maalstroom te geraken. Ik bevond me in een soort cybertunnel waterglijbaan gemaakt van enen en nullen. Gauw dacht ik aan mijn computer thuis. Als uit het niets verscheen er een scherpe bocht, ik zette me schrap om te botsen maar de kokende maalstroom was zo sterk dat ik niet eens de kans kreeg om te botsen. Plotseling zag ik een oogverblindend wit licht. ‘’Aaaaah!’’

‘’Oef.’’ Een golf data beukte me tegen een glazen muur. Ik krabbelde onthutst overeind terwijl het ‘water’ wegtrok. Voor mijn neus stond een enorme glazen wand, ik voelde me heel klein en nietig op deze plek. Het vreemde was alleen...

‘’Hè m, mijn woonkamer?’’ Ik beukte erop los. ‘’Laat me er uit!’’ Ik sta er alleen voor.

Flora moet hier ook een manier hebben gevonden om uit mijn computer te komen. Als zij het kan, kan ik het ook! Ik liep naar achteren en maakte me klaar.

‘’WRAAAAH!’’ Met hernieuwde kracht stormde ik op de glazen wand af, ik stond op het punt in te beuken. Totdat ik geen weerstand meer ondervond. ‘’Ow nee shit!’’

Ik stormde regelrecht door de wand heen alsof het er niet was. ‘’Pffwaa.’’ Ik knipperde verward met mijn ogen. Mijn bovenlijf stak zojuist door het beeldscherm heen. Oei, dit is wel een beetje krap. Met veel rukken en wrikken wist er tot aan mijn heupen uit te komen. Met een klap kletterde het toetsenbord op de grond. Ik bevroor, voetstappen van beneden weerklonken en gingen richting de trap. Ik probeerde me terug te persen maar dat lukte niet. ‘’Is daar iemand?’’ Hoorde ik een vermoeide stem roepen. Ik heb geen keus, ik moet er wel uit. Ik kan toch onmogelijk een half beeldscherm blijven?! Danny duwde zichzelf verder naar buiten en bevrijdde zijn linkerbeen. De voetstappen bewogen zich door de hal. Het angstzweet brak me uit, ik moest een verstop plek vinden en gauw! Toen ik uiteindelijk helemaal bevrijd was legde ik snel alle spullen terug op hun plaatsen en verstopte me onder het bed. Wat me wel opviel was dat mijn kamer ongebruikelijk netjes en opgeruimd was maar alles zat wel onder het stof, alsof het jaren lang niet schoongemaakt was. Ik hoorde de trap kraken, de persoon ging naar boven. ‘’Gelukkig zit ik hier lekker goed verstopt.’’ Dacht ik tevreden. De persoon negeerde mijn kamer en opende een andere deur, ik hoorde een kraan lopen. Dit was mijn kans om het huis eens te verkennen, zeker nu die eigenaardige persoon aan het douchen was. Ik sloop vanonder het bed een opende mijn deur. Geruisloos sloop ik door de boven hal. De vloerbedekking was weggehaald en koud, kaal beton lag ervoor in de plaats. De Academie had tenminste een verwarmde vloer. Vreemd, dat ik de Academie associeer met thuis. De lamp aan het plafond was vervangen voor een armzalig peertje waarvan de snoeren ontbloot waren. Er was niets aan de eikenhouten trap veranderd. Voordat ik naar beneden sloop, nam ik eerst een kijkje in Syntia’s slaapkamer. Die zag er al net zo opgeruimd, doch stoffig en ongebruikt uit. Syntia’s tekeningen van ruimteschepen en gevleugelde mensen waren vergeeld van ouderdom en hingen nog steeds aan de muur. ‘’Vergeeld van ouderdom? Hoe lang ben ik dan weggeweest?’’ Vroeg ik mezelf af. Dit keer sloop ik wel de trap af, ik bemerkte dat de stabiliteit drastisch achteruit was gegaan en de trap had de nare eigenschap om te kraken. Gelukkig voor mij kon ik sluipen als de beste. (Sinds mijn niet zo aangename tripje naar Cyberspace.)

Ik stootte mijn hoofd bijna aan de deurpost. Zijn ze omlaag gehaald of ben ik zo gegroeid? Beneden was het al net zo veranderd als boven, behalve dan het stoffige.



De beneden verdieping was hartstikke rommelig in tegenstelling tot boven.

Potten en pannen lagen op de grond en een grote voorraad wijn vulde de kast met pannen. ‘’Wat is hier gebeurd?’’ Vroeg ik me af. Ik stak mijn neus in de lucht en begon deze plek te besnuffelen. Er hing hier een oude nestgeur die ik niet precies kon plaatsen. Ik was zo verdiept in het opnemen van mijn omgeving en ieder detail dat ik de tijd vergat en dus ook het gekraak van de trap. Ik zat gehurkt naast de bank en rook eraan. De deur ging open, ik voelde een woedende blik in mijn rug priemen en ik verstijfde. Het moment leek uren te duren, geen van ons beiden bewoog of zei iets. ‘’Wie ben jij?’’ Vroeg de oude stem ruw. Shit nu ben ik er bij. Voorzichtig stond ik op, nog steeds met mijn rug naar de persoon gekeerd, opnieuw werd ik er aan herinnerd hoe lang ik was. ‘’Wie bent u?’’ Vroeg ik terug. Ik draaide me voorzichtig om, om de persoon brutaal aan te kijken. ‘’M, mam?’’ Riep ik in opperste verbazing. Sandra zag er verslonsd uit in haar ochtendjas en ongekamd haar. En oud, vooral oud. De laatste keer dat ik haar zag had ze maar een paar rimpels, nu leek ze wel in de vijftig. ‘’Ik ben uw moeder niet griezel! En nou mijn huis uit of ik bel de politie!’’ Dreigde ze. ‘’Nee echt, ik ben het Danny! Danny Crockermount, uw eigen zoon!’’ Sandra zag lijkwit. ‘’Nee..., dat kan niet. Je bent dood.’’ ‘’Dat ben ik niet mam.’’ Ik maakte aanstalten om haar hand te pakken maar die weerde ze af. ‘’Danny, je stelt me teleur.’’ ‘’Hoezo?’’ Ik voelde een vlaag emotie opkomen die ik al in geen tijden meer voelde en waarvan ik dacht het nooit meer te kunnen voelen. Ik voelde hoe er tranen achter mijn ogen prikten. ‘’Je laat je doodrijden door een automobilist, overleefd het en vervolgens laat je nooit meer iets van je horen. Alsof je me haatte.’’ ‘’NEE! Dat heb ik nooit gedaan! Mam ik ben nooit doodgereden, ik sta hier echt voor je.’’ ‘’Waarom liet je dan niets van je horen? En daarbij hoe kun je nou niet zijn doodgereden?! Ik ben persoonlijk bij jouw begraving geweest!’’ ‘’Nee mam, dat was ik niet.’’ Ik omhelsde mam vol overgave. ‘’Arrgh! Urgh!’’ Ik hoorde iets kraken en liet meteen los. Mam snakte naar adem en keek me boos en bang tegelijk aan. ‘’Doe dat nooit meer!’’ Zei ze bestraffend. ‘’Je kent je eigen kracht niet.’’ Fluisterde ze bang. Ze keek me onderzoekend aan. ‘’Ben je oké? Heb ik je veel pijn gedaan?’’ ‘’Nee alles is goed met mij.’’ Zei mam bars. ‘’Maar wat is er met jou gebeurd.’’ Ze raakte mijn wang aan, haar hand voelde heel warm aan. Vervolgens streek ze door mijn haar. ‘’Je bent zo koud.’’ Ze geloofde nog steeds niet dat ze het had tegen een levende en niet tegen een geest. ‘’Weet je zeker dat je niet ziek bent Danny? Je temperatuur is ver beneden de 38 graden.’’ ‘’Is dat zo? Dat is me eigenlijk nooit opgevallen, ik voel me prima zo. Het spijt me dat ik nooit wat van me heb laten horen, echt waar.’’ Mam lette niet op mijn woorden, ze was nog steeds bezig met mijn gezicht. ‘’Jij kunt Danny niet zijn! Danny heeft bruine ogen en blond haar! Danny is niet zo bleek, laat staan zo ongezond koud...’’ ‘’Mam.’’ Ik legde haar het zwijgen op. ‘’Toch is het zo, hier is mijn moedervlek.’’ Ik stroopte mijn rechtermouw op. Sandra keek me met afschuw aan. ‘’Wat is er met Syntia gebeurd?’’ Vroeg ik. ‘’Gestorven door een auto-ongeluk.’’ Zei mam monotoon, alsof ze er zelf niet meer zeker van was. ‘’Hoe ben je zo geworden Danny? Ik herken je niet meer terug, je bent zo anders.’’ Ik slikte. ‘’Dat is een lang verhaal.’’ ‘’Wie heeft je dit aangedaan?’’ ‘’Pap. Pap en mijn halfzus Flora.’’

Ik vertelde de waarheid en het hele verhaal van voren af aan. Nadat ik klaar was met vertellen nam ze een nog afstandelijkere houding aan. ‘’Metamorf Danny.’’ Antwoordde ze stil. ‘’Dus al die medicatie voor jullie autisme en andere handicaps was dus gewoon morfine?’’ Ik knikte. Mam begon te huilen. ‘’Ik voel me zo schuldig! Ik had jullie nooit mogen drogeren!’’ ‘’Het is al goed mam, het was gewoon één groot complot waarvan wij niets afwisten.’’ Ik sloeg mijn arm troostend om haar heen.


‘’Wees toch niet zo’n slappeling, mens!’’ Siste ik boos. Mam keek me verbaasd aan. Ik voelde me plotseling heel anders, mijn geduld en medeleven van daarnet bleek helemaal uitgeput te zijn. ‘’Ja jij ja! Ik heb het helemaal gehad met types zoals jij! Het enige dat je doet treuren om het verleden en leven van een schamper uitkerinkje!’’

‘’Danny wat is er aan de hand? Daarnet was je nog net zo lief.’’ Vroeg mam half bang half verbaast. ‘’Het enige dat er aan de hand is, is dat ik je niet kan uitstaan!’’ Met kracht sloeg ik op de tafel, die vervolgens doormidden brak. ‘’Ow! sorry! Het spijt me zo van je tafel! Dat was niet de bedoeling.’’ Sandra wist niet of zo nu kwaad moest worden of op zijn minst gillend wegrennen. Ik liep op mam af om me te verontschuldigen. ‘’Ga weg!’’ Sandra sprong op en griste een mes uit de keukenlade en richtte het dreigend in mijn richting. ‘’Wat scheelt er aan?’’ ‘’Danny, ik vertrouw je niet. Ik vertrouw je voor geen cent, je bent gevaarlijk weet je dat.’’ ‘’En jij niet dan!? Je bedreigt me met een mes!’’ ‘’Haahaaahahaaha!’’ Ik lachte om mijn eigen grap, al was het meer sadistisch dan echte humor. Mam leek het niet echt te waarderen want ze begon weer te huilen. ‘’Ik wil dat je vertrekt Danny of wie je ook mag zijn.’’ Fluisterde ze. ‘’De Danny zoals ik hem kende zou nooit zo verdorven zijn als jij.’’ Fluisterde ze onhoorbaar maar niet onhoorbaar voor een metamorf. ‘’Goed, zoals jij wilt. Maar weet wel dat Wakuri nog steeds van je houdt, voor zover als hij dat kan. Want wij zijn toch verdorven?’’ Ik daagde mam uit, streek nonchalant door mijn haar en sloot de deur achter me met een klap. Het geluid van de knal ging door merg en been en de deur viel hulpeloos op de grond. Mams hartslag sloeg een tel over toen de haldeur de grond raakte. Ik liep naar boven en betrad mijn kamer. Ik keek naar de datum op de computer en zag dat het al 2015 was. Vijf jaar geleden verdween dus Syntia. Twee jaar geleden verdween ik, hoe is dit mogelijk? Heb ik soms tijdgereisd? Ik zweer op mijn hart dat ik hooguit 2 maanden in Cyberspace ben geweest. Wacht, wat een ironie! Ik heb helemaal geen hart om op te zweren! Haha! Wel nu, ik weet dat de tijd niet gelijkloopt met Cyberspace maar dit is wel tè gek. Hoe dan ook, het is, lijkt mij, tijd om te gaan. Mijn computer stond nog steeds aan en net zoals Flora leek het scherm net 3D met een uitzicht op de ruimte. Onhandig kroop ik op het bureau en stak mijn hoofd door het beeldscherm heen. Ik keek uit op hetzelfde platform met de krachtige stroming eronder. Wat grappig eigenlijk, hier lijk ik super klein en daar niet. Het kruipen ging gemakkelijker dan de eerste keer en algauw bevond ik me weer in het Netwerk. Eigenlijk best wel gaaf dat ik vanuit hier ieder plekje in de wereld kan bezoeken. Waarom neem ik niet eens een kijkje in het Witte Huis? Ach, nee dan zou ik de belangrijkste regel van de Code breken, de zwijgeed. (Het geheim houden van het bestaan van het metamorfelijk ras.) Ik keek naar beneden. Het ‘water’ was veranderd in een rustig kabbelend beekje in plaats van de kolkende maalstroom van eerst. Ik plonsde in de blauwe data. ‘’Naar huis!’’ Net als in een waterglijbaan in een zwembad gleed ik met hoge maar aangename snelheden door het water. Zelfs de ‘tunnel’ was gemaakt van blauwe data. ‘’O man! Ik begin zelfs dit leuk te vinden!’’ Maar de lol ging er flink van af toen ik de draaikolk zag aankomen. ‘’Waaaaaaa!’’

Het water spatte in mijn gezicht, ik voelde mijn ondergrond hellen. ‘’Nee laat me niet gaan!’’ Ik weet niet tegen wie ik riep of waarom maar ik deed het gewoon. Het water verzwolg me, vulde mijn neus en oren en ik voelde me verdrinken in een eeuwige poel van enen en nullen. De data onttrok zich aan mijn lichaam, ik dacht dat ik zou sterven. Het water vulde mijn longen en ik hoestte hartverscheurend. ‘’Uchuh! Uchuh!’’ Het werd zwart voor mijn ogen.

Ik zweefde in het niets, alles om me heen was zwart behalve ikzelf. Plotseling een lichtpuntje, het lichtpuntje werd groter. Het zwart om me heen werd grijs, toen lichtgrijs. Vage contouren tekende zich op de achtergrond af. Langzaam aan werd alles scherper. Ik kneep mijn ogen tot speetjes. ‘’Danny word wakker!’’ ‘’Taejo?’’ Fluisterde ik hees. Plotseling voelde ik iets knappen, ik snakte naar adem en was in een keer wakker. Triomfantelijk zwaaide Taejo met de USB-kabels. ‘’Je bent terug Danny, ik was even bezorgd dat je voor altijd vast zou zitten in een onechte droom.’’

‘’Kan dat?’’ ‘’Weet ik niet, want het is nog nooit voorgekomen. Kom Danny je zus Flora kan wel wat hulp gebruiken op haar expeditie. Als je mee wilt tenminste.’’



‘’Expeditie? Alles is beter dan hier blijven!’’ Riep ik. Taejo lachte grimmig. Dat denk je maar, buiten is het wild en ongetemd. Geen plaats voor een krielkip zoals jij.


Yüklə 355,42 Kb.

Dostları ilə paylaş:
1   ...   5   6   7   8   9   10   11   12   13




Verilənlər bazası müəlliflik hüququ ilə müdafiə olunur ©muhaz.org 2020
rəhbərliyinə müraciət

    Ana səhifə